Dieren

Op de boerderij worden grote en kleine landbouwhuisdieren gehouden. Naast koeien, pony’s, geiten, schapen en varkens, zijn hier ook kippen, konijnen, cavia’s, eenden en pauwen te vinden. De dieren mogen geen brood gevoerd krijgen: een overmaat aan brood zorgt voor veel darmproblemen bij de dieren. Het meegebrachte brood mag wel ingeleverd worden, zodat de dierverzorgers voor een eerlijke verdeling zorgen. Natuurlijk is er niets leukers dan de dieren voeren! Daarom zijn er in de kantine zakjes diervoer te koop, waar alle dieren met haren graag van smullen. Meegebracht groenvoer (zoals peen, andijvie, bloemkoolblad) mag wel gevoerd worden, mits het niet bedorven of beschimmeld is.

Tijdens de dagelijkse verzorging wordt de gezondheid van de dieren in het oog gehouden door de vaste dierverzorgers. Een keer per maand komt de dierenarts langs, waarbij er een ronde langs alle dieren wordt gemaakt. De gezondheid wordt besproken en eventuele inentingen en behandelingen worden uitgevoerd. Bij spoedgevallen wordt de dierenarts gebeld. Jaarlijks wordt met de dierenarts de zoönose controle uitgevoerd. Zoönoses zijn ziektes die van dier op mens kunnen overgaan. Iets wat natuurlijk zo veel mogelijk vermeden moet worden!Daarnaast wordt deelgenomen aan verschillende gezondheidsprogramma’s voor dieren. Op De Kooi worden veel oud Hollandse dierenrassen gehouden. Deze rassen zijn voor productiebedrijven niet rendabel: de koeien geven te weinig melk en de kippen leggen te weinig eieren.Door te zorgen dat deze rassen niet verloren gaan, helpt de Kooi mee aan het behoud van ons Levend erfgoed en blijven de specifieke eigenschappen van de rassen toch bewaard.

Mensen die verbonden zijn aan een Kleindiersportvereniging en zelf kippen houden, kunnen de eieren van hun kippen op De Kooi laten uitbroeden tegen een kleine vergoeding. Voor meer informatie kunt u contact opnemen met: kbkooisenc@rotterdam.nl

Bijen zijn zeer nuttige dieren voor het leven op aarde: zij zorgen voor de bestuiving van de planten, waardoor er in het najaar weer vruchten aan de bomen hangen! De bijen die op de Kooi wonen zijn van een imker en worden ook door de hemzelf verzorgd.

De koeien zijn van verschillende rassen. De grootste is een Holsteiner. Een Amerikaans ras, dat is voortgekomen uit het Fries-Hollandse vee. Zij is een melktypische koe: hoog op de benen en gericht op de productie van melk. Zij laat altijd veel botten zien, terwijl er toch flink wat voer ingaat! De kleinere koe is een Zeeuwse Witrik of Ruggeling. Eigenlijk geen ras maar een speciale, zeldzame kleurslag van de bonte koeien. Zij is een vleestypische koe: lager en wat geblokter van bouw. Ze geeft melk als er een kalfje geboren is, maar levert ook nog een stukje vlees op als de koe naar de slacht moet.
Paarden, pony’s en ezels: De kleine pony’s zijn mini-shetlanders. Leuk om te zien, maar er mee werken doen we natuurlijk niet! Dat gebeurt wel met de 2 Fjordenpaarden. Moeder en zoon worden bij activiteiten wel voor het karretje gespannen om ritjes met de bezoekers te maken. De dwergezelhengst Marco heeft al voor vele nakomelingen in de regio gezorgd!
Twee poezen wonen er op de boerderij: de zussen Tjap en Tjoi. Zoals alle katten slapen ze een groot deel van de dag, maar ze gaan ook nog wel eens op muizenjacht.
In de konijnenhokken zitten naast de (zeldzame) Nederlandse rassen ook buitenlandse rassen. Want zo’n grote Vlaamse Reus is wel een heel verschil met een kleurdwerg. En het Belgisch Haaskonijn is ècht een konijn en geen haas!
In het caviahok zitten aan de ene kant de gladharige cavia’s en in het andere hok de ruwharige of borstelcavia’s. Veel verschillende kleuren komen bij de cavia voor. Langharige cavia’s zijn er niet: deze vragen veel vachtverzorging.
In de rustwei lopen verschillende geitenrassen rond: de Nederlandse witte geit, de Nederlandse Bonte geit en de Toggenburger worden door ons een deel van het jaar gemolken. De geit met de hangoren is een Nederlandse Boerbokgeit: een ras dat voor het vlees gehouden wordt. In de knuffelwei bij de schapen lopen de dwerggeitjes.
In de knuffelwei loopt een koppel schapen: één ram met een aantal ooien. In het voorjaar lopen de lammeren er natuurlijk bij. Het ras van deze dieren is het Zwart Blesschaap: zwart van kleur (bruin door de zon, maar na het scheren eind mei, weer diep zwart) met een mooie witte bles op de neus.
Twee varkensrassen huizen in de stal bij de dwerggeiten en de schapen: Bonte Bentheimers en het Nederlands Landvarken. Graag wroeten ze in de ruime zandbak achter hun stal.
Verdeeld over het terrein staan de kippenhokken. In elk hok wordt een Nederlands ras gehouden. Veel rassen zijn zeldzaam. Leuk om eens goed naar de verschillen te kijken: de grootte, de kleuren, wel of geen kam, wel of geen veren aan de poten…
Rond het duivenhok vliegen twee heel zeldzame rassen: de Hyacinthduif en de Groninger Slenk. De eerste is een kleurduif, de tweede heeft die gebogen hals. De dieren zijn niet ziek en kunnen prima leven.
Deze vogels zijn niet van de boerderij. Eind 2010 hebben we een ooievaarspaal in de wei laten plaatsen. En al heel snel bleek een ooievaarsstel het een mooi plekje te vinden. Al een aantal jaren hebben zij hier jongen grootgebracht. Het blijft een mooi gezicht!
Bij de eendenvijver, maar ook in de wei en op het voorterrein lopen de watervogels. De Muskuseenden op het voorterrein hebben niet zo’n behoeft aan water en trekken zelf het terrein over. Bij de eendenvijver zitten verschillende Nederlandse rassen. In de knuffelwei zitten vaak de Brandganzen en de Twentse Landganzen.
Er lopen nog 2 vogelsoorten rond over het terrein: de pauwen en de kalkoenen. Mooie en imposante dieren!
In de volière bij de konijnenheuvel wonen de grasparkieten en de Chinese dwergkwartels. De kwartels leven alleen op de grond, zij kunnen niet echt vliegen.
De bijen die op de Kooi wonen zijn van een imker en worden ook door de imker verzorgd.
X